Het verhaal achter een bijzonder koorproject.

© Johan Rosseel
Vrijdag 22 mei 2026 is het zover. Dan staat een bijzonder koor voor het eerst samen op het podium met een gevarieerde verzameling van liedjes, gekozen en aangebracht door de deelnemers zelf. Elk nummer draagt een persoonlijk verhaal met zich mee — een herinnering, een gevoel of een stukje identiteit.
Dit optreden maakt deel uit van ‘Zingen rond de wereld in 80 dagen’, een samenwerking tussen Cultuurcentrum Brugge, FMDO vzw en het Poorthuis. Het concert kadert binnen Mirage, een ontmoetingsfestival rond muziek, kunst, maatschappij en de wereld.
Tachtig dagen geleden begon dit unieke muzikale traject met een groep Bruggelingen met heel verschillende achtergronden: vrijwilligers uit FMDO-verenigingen en projecten, muziekliefhebbers en andere Bruggelingen die zin hadden in een nieuw avontuur. Tijdens de eerste ontmoetingen deelden deelnemers liedjes uit hun eigen cultuur, samen met de verhalen en herinneringen die ermee verbonden zijn. Zo ontstond een warme uitwisseling waarin luisteren en ontdekken centraal stonden.

In de weken die volgden, kwamen ze acht keer samen om te repeteren. Stap voor stap groeide een diverse groep uit tot één geheel. Onder begeleiding van Jozef Sercu groeide het geheel uit tot een rijke mix van talen, ritmes en verhalen. Maar bovenal groeide er iets anders: verbondenheid.
Vandaag staan ze samen op het podium — voor het eerst, maar niet zonder een gedeeld verhaal.
Liedjes die werelden openen
Wat dit koor bijzonder maakt, is dat elk lied rechtstreeks uit het leven van de deelnemers komt. Het zijn geen toevallige keuzes, maar nummers die betekenis dragen.
Zo brengt Anastasiia een Oekraïens lied dat aanvoelt als een gebed: een vraag om bescherming, hoop en vrede. Voor haar is het zingen van Prochanja do neba een manier om verbonden te blijven met haar land en verleden. Het is muziek die vertrekt vanuit emotie en die ze wil delen met anderen.
“Zelfs in moeilijke tijden moeten we blijven geloven, voelen en verbinden met elkaar”, vertelt Anastasiia.
Ook Yvette kiest een lied dat dicht bij haar hart ligt. Haar Rwandese nummer Kundu Ugukunda gaat over liefde en wederzijds respect: zorg dragen voor de mensen die van je houden. In haar stem klinkt niet alleen een persoonlijk verhaal, maar ook een herinnering en een eerbetoon aan haar familie en gemeenschap.
Dit jaar betekent haar deelname extra veel voor haar. Tijdens de herdenkingsperiode van de genocide tegen de Tutsi in Rwanda kiest ze er bewust voor om wél mee te zingen — als een manier om dicht bij haar roots te blijven en tegelijk kracht uit te stralen.
Voor Georgiana betekent het Roemeense lied Cântă cucu Bucovina een brug naar haar familiegeschiedenis. Het vertelt over jongeren die naar de oorlog vertrekken en het gemis dat achterblijft. Haar keuze is niet alleen muzikaal, maar ook emotioneel verbonden met herinneringen aan haar opa en oom. Met dit lied deelt ze een stukje cultuur, herinnering en verleden met het publiek.
Andere liedjes brengen dan weer duidelijke maatschappelijke thema’s naar voren. Zo zingt Paulina Samba Landó, een Latijns-Amerikaans lied dat twee ritmes samenbrengt en tegelijk een krachtige boodschap draagt. Het nummer verwijst naar de geschiedenis van slavernij, maar ook naar hedendaagse vormen van discriminatie en ongelijkheid.
Voor haar gaat het lied over vrijheid, respect en diversiteit, en over de vraag die centraal staat: wat maakt ons werkelijk verschillend, als we allemaal mens zijn? Muziek is hier niet alleen een middel om te verbinden, maar ook om bewust te maken en tot reflectie aan te zetten.

Ook Abel brengt die reflectie in zijn zelfgeschreven nummer N’Situ limanyi limbongó. Hij richt zich tot jong en oud met een duidelijke boodschap: onderwijs is belangrijk, maar ook ambacht, zorg voor de natuur en verantwoordelijkheid voor de toekomst. Hij moedigt jongeren aan om niet alleen met hun hoofd, maar ook met hun handen te werken, en roept ouderen op om verder te kijken dan het heden.
In zijn beeldspraak vergelijkt hij de aarde met “een schatkamer met oneindige inhoud”: zolang we er zorg voor dragen, blijft er toekomst bestaan voor volgende generaties.
Liefde keert tijdens het optreden terug in vele vormen. Bij Saeed klinkt die in Jane Maryam, een Perzisch lied vol melancholie en herinnering. Het vertelt het verhaal van een man die terugdenkt aan een verloren liefde en de momenten die ze samen deelden. Ook zonder de taal te begrijpen, is de emotie voelbaar: liefde, verlies en verlangen die blijven nazinderen.
Bij Bessem krijgt liefde een andere invulling met Amio, een klassiek Kameroens lied. Het vertelt over een man die zijn gevoelens uitspreekt voor een vrouw die de liefde niet lijkt te beantwoorden. Voor Bessem gaat het lied verder dan romantiek alleen. Liefde is voor haar een universele kracht, verbonden met aanvaarding en menselijkheid.
De eenvoudige woorden voor “ik zie je graag” vormen daarbij de kern van een boodschap die iedereen begrijpt, ongeacht achtergrond of geloof.
Tot slot brengt Hanan met Dak rami een krachtig Marokkaans lied dat jongeren oproept om sterk te blijven en niet op te geven, zelfs wanneer het leven moeilijk verloopt. Voor haar draait het om eenheid, kracht en hoop. Muziek is hier een steun, een herinnering dat je er niet alleen voor staat.
Elk lied is anders in taal, ritme en oorsprong, maar samen vormen ze één verhaal: dat van mensen die hun cultuur delen, hun ervaringen meenemen en elkaar vinden in muziek.
Buiten je comfortzone stappen
Voor veel deelnemers was dit traject niet vanzelfsprekend. Zingen voor een publiek, in een groep en in verschillende talen vroeg moed.
Sommigen gaven aan dat het moeilijk was om emoties en techniek te combineren. Anderen vonden het spannend om hun stem te laten horen, zeker als ze geen zangervaring hadden. Dit project trekt mensen letterlijk uit hun comfortzone, weg van hun vertrouwde omgeving.

Ook de diversiteit aan talen en muziekstijlen bracht uitdagingen met zich mee. Liedjes volgen in een onbekende taal, de juiste uitspraak vinden of complexe ritmes begrijpen: veel oefenen en geduld hebben war belangrijk.
Toch zaten net in die uitdagingen ook mogelijkheden. Stap voor stap werd het onbekende vertrouwd.
Het leukste: samen lachen en zingen
Tegenover die uitdagingen stonden minstens evenveel mooie momenten. Wat vaak terugkomt in de verhalen, is het plezier van samen zingen.
De repetities begonnen telkens met speelse opwarmingen die zorgden voor ontspanning en verbinding. Lachen om gekke oefeningen of verkeerde uitspraken in een nieuwe taal maakte deel uit van het proces.
Voor velen was het koor ook een plek om nieuwe mensen te leren kennen. Vriendschappen ontstonden, gesprekken gingen verder buiten de repetities en er groeide een sterk gevoel van samenhorigheid.
Sommigen omschrijven het zelfs als een veilige plek waar je even alles kan loslaten. Een moment om te zingen, maar ook om gewoon te zijn — zonder druk of oordeel.
Meer dan zingen alleen
Deelnemen aan dit koor betekent voor velen veel meer dan samen muziek maken. Het is een plek waar mensen elkaar ontmoeten, zichzelf kunnen zijn en verbinding vinden over grenzen heen. Voor sommigen is het een eerste stap naar een groter sociaal netwerk, voor anderen een manier om hun cultuur te delen of herontdekken.
Wat voor iedereen terugkomt, is het gevoel van samenhorigheid en je gedragen voelen door de groep.
Zoals Anastasiia het verwoordt:
“Voor mij voelt dit koor als een warme gemeenschap. Muziek verbindt mensen, zelfs als ze uit verschillende landen en culturen komen.”
Het koor is op die manier een plek waar verschillen samenkomen en waar mensen elkaar leren kennen voorbij taal en achtergrond. Vriendschappen ontstaan en wat in het begin onbekend is, groeit uit tot iets vertrouwds.

Ook Yvette ervaart die kracht van verbinding, zowel persoonlijk als collectief:
“We zitten allemaal in een apart hoekje, maar dan komen we samen en zingen we. Het zorgde voor mooie vriendschappen.”
Voor anderen betekent het koor dan weer een kans om zichzelf te overstijgen en nieuwe dingen te durven. Saeed, die nooit eerder voor publiek zong, vond er het vertrouwen om zijn stem te laten horen:
“Door de veiligheid van de groep heb ik de durf gevonden om voor het eerst voor een publiek te zingen.”
Voor verschillende deelnemers is het bovendien een manier om hun eigen verhaal en cultuur zichtbaar te maken. Het geeft hen kracht, trots en een gevoel van thuiskomen. Zoals Hanan het benoemt: het is een plek waar je niet langer “de ander” bent, maar gewoon deel van één geheel.
Zo groeit het koor uit tot een warme gemeenschap waarin mensen niet alleen zingen, maar ook elkaar dragen — en samen bouwen aan iets dat groter is dan henzelf.
Een eerste optreden, een nieuw begin
Vrijdag 22 mei brengen deze stemmen hun verhalen naar het publiek in de prachtige spiegeltent tijdens het Miragefestival in Brugge. Het is het resultaat van tachtig dagen samen zingen, luisteren en groeien. Maar misschien is het nog meer dan dat. Misschien is het ook een begin: van nieuwe ontmoetingen, verhalen en muziek die blijft nazinderen.
Alle tickets zijn helaas uitverkocht.
